EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller Gebruikershandleiding

Bijgewerkt op

Herziening 6

EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller Gebruikershandleiding

EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller is een draadloze adresseerbare hittemelder gecombineerd met een brandsirene. Voldoet aan de EN 54-5-vereisten voor hittemelders van klasse A1, B en C met reacties rate-of-rise (R) en statisch (S). Het apparaat detecteert gevaarlijke temperaturen en geef een geluidsalarm af wanneer een brandalarm wordt geactiveerd.

EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller is onderdeel van een Ajax-systeem en communiceert met bedienings- en signaleringsapparatuur (CIE) via het beveiligde Jeweller-radioprotocol. Het communicatiebereik met de CIE bedraagt tot 1.700 m in een open ruimte.

Functionele elementen

Functionele elementen
  1. Voorpaneel van de melder.
  2. Led-indicatoren: groen, geel en rood.
  3. Gat voor een speciale sleutel die gebruikt wordt om het slot te openen.
  4. SmartBracket-montagepaneel. Om het paneel te verwijderen, steekt u de speciale sleutel in het overeenkomstige gat en draait u de SmartBracket tegen de klok in. Als het apparaat ontgrendeld is, draait u SmartBracket eenvoudig tegen de klok in.
  5. Bevestigingspunten om SmartBracket aan het oppervlak te bevestigen.
  6. ↑↑ teken op SmartBracket. U kunt het als referentiepunt gebruiken om het apparaat correct uit te lijnen wanneer u het montagepaneel aan het oppervlak bevestigt.
  7. Batterijkleppen. Open de klepjes om de batterijen te vervangen.
  8. Slot om het apparaat op SmartBracket te vergrendelen (optioneel).
  9. Sabotagebeveiliging. Het wordt geactiveerd bij pogingen om het apparaat van het montagepaneel te verwijderen.
  10. QR-code met het identificatienummer van het apparaat. Deze wordt gebruikt om het apparaat toe te voegen aan de CIE.
  11. Aan/uit-knop.
  12. Thermistoren, deze detecteren gevaarlijke temperaturen.
  13. Sirene.

Compatibele CIE's en signaalversterkers

Het apparaat vereist een Ajax CIE met een up-to-date versie van OS Malevich.

Controleer de compatibiliteit van het apparaat

Werkingsprincipe

EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller is een draadloze brandmelder met een hitte- en rooksensor, ontworpen voor installatie binnenshuis. De melder is altijd actief en reageert 24/7 op een brand, ongeacht de beveiligingsmodus van het systeem.

De sirene geeft een alarmsignaal met een hoog volume af volgens een patroon dat voldoet aan EN 54-3.

De geluidsalarmen zijn gesynchroniseerd met alle apparaten in het systeem zodat ze tegelijk activeren. EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller werkt op voorgeïnstalleerde batterijen en heeft geen externe voeding nodig. Het apparaat monitort continu zijn bedrijfsstatus en informeert het systeem over fouten als deze zich voordoen.

EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller ondersteunt brandalarmscenarios. Deze scenario's worden geconfigureerd in de instellingen van een space waardoor automatisch gereageerd kan worden op specifieke gebeurtenissen en alarmen.

Een brandalarmscenario instellen

De melder ondersteunt de Coïncidentiedetectie, met deze functie is alarmbevestiging alleen mogelijk als twee of meer onafhankelijke melders binnen een bepaalde tijd worden geactiveerd.

EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller is voorzien van een sabotagebeveiliging die activeert als iemand probeert het apparaat van het montagepaneel te verwijderen.

Hittesensor

Twee ingebouwde thermistoren detecteren een snelle temperatuurstijging of wanneer de temperatuur de drempelwaarde overschrijdt. Deze thermistoren geven een alarm af wanneer een snelle temperatuurstijging of statische temperatuur wordt gedetecteerd. De drempeltemperatuur, de temperatuurstijging en de reactietijd waarbij de melder een alarm activeert, zijn afhankelijk van de instellingen van de melder en deze voldoen aan de vereisten van de EN 54-5 norm.

Beschikbare modi voor de hittesensor:

  • A1, A1R, A1S.
  • B, BR, BS.
  • C, CR, CS.
  • Vaste temperatuur.

Beschrijving van de modus hittesensor

De modi van de hittesensor van de melder komen volledig overeen met de classificatie die in dit deel wordt beschreven.

Temperatuurclassificatie van de melder

Detectorclassificatie

Typische toepassingstemperatuur °C

Maximale toepassingstemperatuur °C

Minimale statische reactietemperatuur °C

Maximale statische reactietemperatuur °C

A1

25

50

54

65

B

40

65

69

85

C

55

80

84

100

Het achtervoegsel "S" betekent dat de melder niet zal afgaan onder de minimale statische reactietemperatuur die voor zijn klasse is bepaald: een drempel die is ingesteld boven de hoogste verwachte omgevingstemperatuur. Dit maakt het bijzonder geschikt voor omgevingen waar de temperatuur snel kan stijgen of sterk kan schommelen, zoals ketelruimtes of industriële ruimtes, zonder een vals alarm te veroorzaken.

De "R" suffix betekent dat de melder reageert op de snelheid van de temperatuurstijging, niet alleen op het overschrijden van een vaste drempel. Dit wordt geactiveerd wanneer de omgevingstemperatuur snel stijgt, zelfs ruim voordat de statische reactietemperatuur wordt bereikt, waardoor brand eerder kan worden gedetecteerd. Dit maakt het een geschikte oplossing voor ruimtes waar een plotselinge warmteontwikkeling een belangrijke indicator is voor brand, zoals onverwarmde opslagruimtes, garages of bijgebouwen, waar de omgevingstemperatuur vrij laag kan zijn.

Melders zonder achtervoegsel (bijv. A1, B, C) reageren ook op snelle temperatuurveranderingen, maar alleen als de temperatuur al boven de typische toepassingsdrempel ligt. Deze zijn beter geschikt voor omgevingen met een stabielere omgevingstemperatuur.

Modus voor vaste temperatuur: activeert alleen tussen 45  en 85 °C, afhankelijk van de geselecteerde drempel in de instellingen van de melder. Deze modus voldoet niet aan de EN 54-5 norm.

Limieten voor de reactietijd

Snelheid van temperatuurstijging van de lucht

Categorie A1

Categorieën B en C

Ondergrens

Bovengrens

Ondergrens

Bovengrens

K/min

min

s

min

s

min

s

min

s

1

29

0

40

20

29

0

46

0

3

7

13

13

40

7

13

16

0

5

4

9

8

20

4

9

10

0

10

1

0

4

20

2

0

5

30

20

0

30

2

20

1

0

3

13

30

0

20

1

40

0

40

2

25

Jeweller-protocol voor gegevensoverdracht

Jeweller is een draadloos protocol voor gegevensoverdracht dat zorgt voor een snelle en betrouwbare tweerichtingscommunicatie tussen de CIE en apparaten. Het apparaat gebruikt Jeweller om opdrachten, alarmen en gebeurtenissen te verzenden.

Meer informatie

Gebeurtenissen naar de meldkamer verzenden

Een Ajax-systeem kan alarmen versturen naar de Ajax PRO Desktop-app en naar een meldkamer met SurGard (Contact ID), SIA (DC-09), ADEMCO 685, en andere protocollen.

Een systeem met een EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller kan de volgende gebeurtenissen verzenden:

  1. Brandalarm/herstel na alarm.
  2. Hardwarefout/herstel van de hittesensor.
  3. Hardwarefout/herstel van de sirene.
  4. Batterijlading is laag/OK.
  5. Sabotage-alarm/herstel.
  6. Verlies/herstel van communicatie tussen EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller en de CIE.

Wanneer er een alarm binnenkomt, weet de operator op de meldkamer precies wat en waar iets is gebeurd. De adresseerbaarheid van Ajax-apparaten maakt het mogelijk om gebeurtenissen naar Ajax PRO Desktop of de bewakingssoftware te sturen, inclusief het type apparaat, de naam, brandzone, virtuele ruimte en de locatie. Houd er rekening mee dat de lijst met verzonden waarden kan variëren afhankelijk van de bewakingssoftware en het geselecteerde communicatieprotocol voor de meldkamer.

Selectie van de installatieplaats

Bij de keuze waar u de melder wilt installeren, moet u rekening houden met de factoren die de werking beïnvloeden:

  • Jeweller-signaalsterkte.
  • Afstand tussen het apparaat en de CIE.
  • Aanwezigheid van obstakels die het radio- of geluidssignaal belemmeren.

Volg bij het ontwerpen van een systeemproject altijd de plaatsingsadviezen. Alleen specialisten mogen een Ajax-systeem ontwerpen en installeren. De lijst met aanbevolen partners vindt u hier.

Signaalsterkte

De signaalsterkte wordt bepaald door het aantal niet-geleverde of beschadigde datapakketten in een bepaalde periode. U kunt de signaalsterkte aflezen op het pictogram SignalStrength-M in het tabblad Apparaten HubFilled-Min de Ajax-apps:

  • drie streepjes — uitstekende signaalsterkte;
  • twee streepjes — goede signaalsterkte;
  • één streepje — lage signaalsterkte; een stabiele werking wordt niet gegarandeerd;
  • doorgestreept pictogram — geen signaal.

Houd er rekening mee dat als de signaalsterkte uitstekend is, het apparaat automatisch het zendvermogen kan aanpassen om het energieverbruik en radioverstoring te verminderen.

Raadpleeg het deel Functionaliteitstesten voor meer informatie over het uitvoeren van de radiosignaalsterkte.

Waar het apparaat niet kan worden geïnstalleerd

  • Buitenshuis. Dit kan leiden tot een defecte melder.
  • Binnen, waar de temperatuur en vochtigheidsgraad buiten de toegestane grenzen zijn. Dit kan de melder beschadigen.
  • Op plekken met snelle luchtcirculatie. Bijvoorbeeld in de buurt van ventilators, open ramen of deuren. Dit kan de branddetectie verstoren.
  • Tegenover elk object waarvan de temperatuur snel verandert, zoals elektrische en gaskachels. Dit kan een vals alarm veroorzaken.
  • In de hoeken van de ruimte. Dit kan de branddetectie verstoren.
  • In badkamers, douches of andere ruimtes waar de temperatuur snel verandert. Dit kan een vals alarm veroorzaken.
  • In de buurt van lampen, decoraties en andere voorwerpen in het interieur die de luchtcirculatie op de locatie kunnen verstoren. Dit kan de branddetectie verstoren.
  • Op oppervlakken die gewoonlijk warmer of kouder zijn dan de rest van de ruimte. Bijvoorbeeld op dakramen. Temperatuurschommelingen kunnen de branddetectie verstoren.
  • Op plaatsen met een lage of instabiele Jeweller-signaalsterkte. Dit kan ertoe leiden dat de verbinding met de CIE verloren gaat.
  • Dichter dan 1 m van de CIE of signaalversterker.

Installatie

Installatie

Om het apparaat te installeren:

  1. Verwijder het SmartBracket-montagepaneel van het apparaat. Om het paneel te verwijderen, draait u het tegen de klok in.

  2. Bevestig het SmartBracket-paneel met dubbelzijdige plakband of andere tijdelijke bevestigingsmiddelen aan een oppervlak. Het ↑↑ teken op SmartBracket is uitsluitend ter informatie. Het kan u helpen om het apparaat correct uit te lijnen.

    Installatie
  3. Voeg EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller toe aan de CIE.

  4. Plaats het apparaat op het SmartBracket-montagepaneel.

  5. Voer de functionaliteitstest voor het apparaat uit.

  6. Verwijder het apparaat van het montagepaneel.

  7. Bevestig het SmartBracket-paneel op het oppervlak met de meegeleverde schroeven op alle bevestigingspunten. Als u andere bevestigingsmiddelen gebruikt, let er dan op dat deze het montagepaneel niet beschadigen of vervormen.

  8. Om het apparaat op SmartBracket verder te bevestigen met de vergrendeling, schuift u het vergrendelmechanisme naar de Lock-M positie. In dit geval moet u een speciale sleutel in de overeenkomstige opening steken om het montagepaneel te verwijderen.

    Installatie
  9. Plaats het apparaat op het SmartBracket-montagepaneel.

  10. Pas indien nodig de positie van het apparaat aan. Het SmartBracket-montagepaneel maakt het mogelijk om de melder tot 90° te draaien.

Aan het systeem toevoegen

Voordat u een apparaat toevoegt

  1. Installeer een Ajax-app.
  2. Log in op uw account of maak een nieuwe aan.
  3. Selecteer een space of maak een nieuwe aan.
  4. Voeg minstens één virtuele ruimte toe.
  5. Voeg een compatibele CIE toe aan de space. Zorg dat de CIE aanstaat en toegang heeft tot het internet via een ethernetkabel, wifi, en/of een mobiel netwerk.
  6. Controleer de status in de Ajax-app om er zeker van te zijn dat de space is uitgeschakeld en de CIE geen update start.

Soorten accounts en hun rechten

Toevoegen aan de CIE

  1. Open een Ajax-app. Selecteer een space waaraan u het apparaat wilt toevoegen.

  2. Ga naar het tabbladApparaten HubFilled-Men druk op Apparaat toevoegen.

  3. Scan de QR-code of voer het identificatienummer van het apparaat handmatig in. De QR-code met identificatienummer staat op het apparaat onder het SmartBracket-montagepaneel. De QR-code staat ook op de verpakking van het apparaat.

    Toevoegen aan de CIE
  4. Geef het apparaat een naam.

  5. Selecteer een brandzone en een virtuele ruimte.

  6. Geef indien nodig de locatie van het apparaat op in het veld Locatie.

  7. Selecteer Apparaat toevoegen, en het aftellen begint.

  8. Schakel het apparaat in door de aan/uit-knop 3 seconden lang ingedrukt te houden.

    Toevoegen aan de CIE

Zodra het apparaat is toegevoegd aan de CIE, verschijnt het in de lijst met CIE-apparaten in de Ajax-app. De updatefrequentie voor de status van apparaten in de lijst hangt af van de instellingen van Jeweller en bedraagt standaard 36 seconden.

Als de verbinding mislukt, probeer het dan nog eens binnen 5 seconden. Als het maximum aantal apparaten wat toegevoegd kan worden aan de CIE is bereikt, ontvangt u een foutmelding wanneer u probeert om er meer toe te voegen.

Testen van de functionaliteit

Een Ajax-systeem biedt verschillende soorten testen om de juiste installatieplaats voor apparaten te selecteren. Voor EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller zijn de volgende tests beschikbaar:

  • Onderzoek radiosignaalsterkte — om de signaalsterkte en stabiliteit tussen de CIE (of de signaalversterker) en het apparaat te bepalen via het draadloze Jeweller-protocol voor gegevensoverdracht op de installatielocatie.
  • Alarmtest — hiermee kan men het alarmsignaal controleren om ervoor te zorgen dat het brandalarm overal duidelijk hoorbaar is.
  • Zonetest — om de werking van de brandmelder in bepaalde zones te controleren. In de testmodus reageren de rookmelders op testaerosolen, zoals Solo 332. Tijdens de test kunnen installateurs opgeven welke uitgangen, zoals sirenes, flitsers (VAD's), nevenindicatoren of I/O-module relais, in elke zone geactiveerd moeten worden.

Om de functie Onderzoek radiosignaalsterkte of de Alarmtest uit te voeren:

  1. Open een Ajax-app. Selecteer een space met het toegevoegde apparaat.

  2. Ga naar het tabblad Apparaten HubFilled-M.

  3. Selecteer EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller.

  4. Ga naar Instellingen Settings-M.

  5. Selecteer Onderzoek signaalsterkte of Alarmtest.

U kunt de Alarmtest ook uitvoeren vanaf het touchscreen van de CIE.

Een beheerder of gebruiker met toegangsniveau 2 kan de zonetest uitvoeren vanaf het touchscreen van de CIE of via de Ajax-apps (CIE-instellingen). Meer informatie vindt u in het artikel.

Pictogrammen

Pictogrammen

Pictogrammen in een Ajax-app geven enkele van de statussen van EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller weer. U kunt de pictogrammen controleren in het tabblad Apparaten HubFilled-M.

Pictogram

Betekenis

SignalStrength-M

Jeweller-signaalsterkte. Dit geeft de signaalsterkte tussen de CIE of de signaalversterker en het apparaat weer. De aanbevolen waarde is 3 streepjes.

Meer informatie

Battery100-S

Laadniveau van de batterij van het apparaat.

Meer informatie

RexConnected-M

Het apparaat is verbonden via een signaalversterker.

Meer informatie

FireRed-M

De melder heeft een snelle temperatuurstijging gedetecteerd.

TemperatureRed-M

De melder heeft gedetecteerd dat de temperatuurdrempel is overschreden.

Volume-S

Het apparaat geeft een geluid af.

VolumeOffRed-M

Het apparaat is gedempt.

WarningYellow-M

EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller heeft een fout. De lijst met fouten is beschikbaar in de statussen van het apparaat.

En54DeviceTest-M

Er is een test van het apparaat gaande.

En54Disable-M

EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller is volledig of gedeeltelijk uitgeschakeld.

offline

Het apparaat heeft de verbinding met de CIE verloren of de CIE heeft de verbinding met de Ajax Cloud-server verloren.

not-transferred

Het apparaat is niet overgezet naar de nieuwe CIE.

Meer informatie

Statussen

Statussen

Het statusscherm bevat informatie over het apparaat en de bedrijfswaarden. U kunt de statussen van EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller vinden in de Ajax-apps:

  1. Ga naar het tabblad Apparaten HubFilled-M.
  2. Selecteer EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller uit de lijst.

Waarde

Betekenis

Alarm

Het apparaat heeft brand gedetecteerd.

Wanneer u op Info-M drukt, wordt gedetailleerde informatie over de locatie van de brand weergegeven.

Het veld wordt alleen weergegeven als er een brand is gedetecteerd.

Gegevensimport

Geeft de fout weer bij het overzetten van gegevens naar de nieuwe CIE:

  • Mislukt — het apparaat is niet overgezet naar de nieuwe CIE.

Meer informatie

Fout

Het apparaat heeft fouten.

Wanneer u op Info-M drukt, wordt de lijst met storingen van EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller geopend.

Het veld wordt alleen weergegeven als er een fout is gedetecteerd.

Uitgeschakeld

Het apparaat of sommige van zijn functies zijn uitgeschakeld. Het reageert niet op het alarm of en informeert gebruikers en de bewaking niet. Wanneer u op Info-M drukt, wordt een lijst met de uitgeschakelde functies van het apparaat geopend.

Het veld wordt alleen weergegeven als het apparaat volledig of gedeeltelijk is uitgeschakeld.

Temperatuur

Luchttemperatuur in de ruimte waar het apparaat is geïnstalleerd. Gemeten in Celsius of Fahrenheit, dit is afhankelijk van de instellingen van de app.

In de normale status wordt de temperatuurwaarde in het zwart weergegeven.

Als de temperatuur stijgt, kleurt het veld rood.

Jeweller-signaalsterkte

Signaalsterkte van Jeweller tussen het apparaat en de CIE (of de signaalversterker). De aanbevolen waarde is 3 streepjes.

Jeweller is een protocol voor het verzenden van opdrachten, gebeurtenissen en alarmen.

Verbinding via Jeweller

De verbindingsstatus via het Jeweller-kanaal tussen het apparaat en de CIE (of de signaalversterker):

  • Online — het apparaat is verbonden met de CIE (of de signaalversterker). Normale status.
  • Offline — het apparaat is niet verbonden met de CIE (of de signaalversterker). Controleer de verbinding van het apparaat.

<Range extender name>

De verbindingsstatus tussen het apparaat en de signaalversterker.

  • Online — het apparaat is verbonden met de signaalversterker.
  • Offline — het apparaat is niet verbonden met de signaalversterker.

Het veld wordt weergegeven als het apparaat via een signaalversterker werkt.

Batterijlading

Het oplaadniveau van de batterij van het apparaat. Er zijn drie statussen beschikbaar:

  • OK.
  • Batterij bijna leeg.
  • Fout.

Wanneer de batterijen moeten worden vervangen, ontvangen gebruikers en het beveiligingsbedrijf hierover meldingen.

Meer informatie

Deksel

De status van de sabotagebeveiliging die reageert op het openen of losmaken van de behuizing van het apparaat:

  • Open — Het apparaat is verwijderd van het SmartBracket-montagepaneel of de integriteit ervan is aangetast. Controleer de bevestiging van het apparaat.
  • Gesloten — het apparaat is geïnstalleerd op het SmartBracket-montagepaneel. De integriteit van de behuizing van het apparaat en het montagepaneel is niet aangetast. Normale status.

Meer informatie

Alarmvolume

Geluidsniveau bij een alarm:

  • Stil
  • Luid
  • Heel luid

Geluidsalarmsignaal

De status van het hoorbare alarmsignaal van het apparaat:

  • Geen alarm — het systeem geeft op dit moment geen alarm af. Het apparaat geeft geen geluid af.
  • Alarm — het systeem geeft op dit moment een alarm af. Het apparaat geeft een geluid af.
  • Gedempt — het systeem geeft op dit moment een alarm af. Het apparaat is gedempt.

Temperatuurdrempel

Alarmstatus als de temperatuurdrempel wordt overschreden:

  • Niet overschreden — normale status; de melder detecteert geen overschrijding van een temperatuurdrempel.
  • Alarm — de melder detecteert dat de temperatuurdrempel is overschreden.

Als de temperatuurdrempel wordt overschreden, kleur het tekstveld rood.

Meer informatie

Snelle temperatuurstijging

Alarm bij snelle temperatuurstijging:

  • Niet gedetecteerd — normale status; de melder detecteert geen snelle temperatuurstijging.
  • Alarm — de melder heeft een snelle temperatuurstijging gedetecteerd.

Als er een snelle temperatuurstijging wordt gedetecteerd, kleurt het tekstveld rood.

Meer informatie

Brandzone

Het nummer en de naam van de brandzone waaraan het apparaat is toegewezen.

Ruimte

De naam van de ruimte waaraan het apparaat is toegewezen.

Locatie

Gedetailleerde beschrijving van de locatie van het apparaat.

Firmware

Firmwareversie van het apparaat.

Apparaat-ID

De ID van de EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller. Ook beschikbaar via de QR-code op de behuizing van het apparaat en op de verpakking.

Apparaatnr.

Het nummer van de apparaatloop (zone).

Instellingen

Instellingen

Om de instellingen van EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller te wijzigen in een Ajax-app:

  1. Ga naar het tabblad Apparaten HubFilled-M.
  2. Selecteer EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller uit de lijst.
  3. Ga naar Instellingen Settings-M.
  4. Stel de vereiste instellingen in.
  5. Druk op Terug om de nieuwe instellingen op te slaan.

Instellingen

Betekenis

Naam

Naam van het apparaat. Wordt getoond in de lijst van CIE-apparaten, sms-berichten en meldingen in het logboek.

Als u de naam van het apparaat wilt wijzigen, klikt u op het tekstvak.

De naam kan uit maximaal 24 Latijnse tekens of 12 Cyrillische tekens bestaan.

Brandzone

Selecteer de brandzone waaraan EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller is toegewezen.

De brandzone wordt weergegeven in sms-berichten en meldingen in het logboek.

Ruimte

Selecteer de virtuele ruimte waaraan EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller is toegewezen.

De naam van de ruimte wordt weergegeven in sms-berichten en meldingen in het logboek.

Locatie

De gedetailleerde locatie van het apparaat. Het wordt weergegeven naast de ruimte in de meldingen in het logboek.

Het tekstveld met de locatie kan tot 24 Latijnse of Cyrillische tekens bevatten.

Alarmvolume

Het apparaat reageert op alarmen in het systeem met het geselecteerde volume niveau:

  • Stil
  • Luid
  • Heel luid

Modus hittesensor

Selecteer de modus voor de hittesensor op basis van de installatielocatie:

  • A1
  • A1R
  • A1S
  • B
  • BR
  • BS
  • C
  • CR
  • CS
  • Vaste temperatuur — selecteer de temperatuurdrempel van +45 tot +85 °C. De standaardtemperatuur is +60 °C.

Onderzoek radiosignaalsterkte

Schakelt het apparaat naar de testmodus voor het onderzoeken van de radiosignaalsterkte.

Met de test kunt u de signaalsterkte tussen de CIE (of de signaalversterker) en het apparaat controleren via het draadloze Jeweller-protocol voor gegevensoverdracht om de optimale installatielocatie te selecteren.

Meer informatie

Alarmtest

Het apparaat wordt omgeschakeld naar de modus Alarmtest.

Met de test kan men het alarmsignaal controleren om ervoor te zorgen dat het brandalarm overal duidelijk hoorbaar is.

De test duurt tot 10 minuten en kan op elk moment handmatig worden gestopt.

Gebruikershandleiding

Opent de gebruikershandleiding van EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller in een Ajax-app.

Uitschakeling apparaat

De optie maakt het mogelijk om het apparaat of specifieke functies te deactiveren.

Het apparaat blijft in het systeem, maar detecteert geen tekenen van brand meer en geeft geen alarm meer af.

Apparaat verwijderen

Ontkoppelen van het apparaat, koppelt het los van de CIE en verwijdert de instellingen.

Indicatie

De sirene en led-indicatoren van EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller informeren over alarmen, fouten en andere statussen van het apparaat.

Gebeurtenis

Geluidsindicatie

Led-indicatie van het systeem

Opmerking

Alarm.

De sirene geeft een pieptoon af op basis van het geselecteerde type toon.

De rode led brandt 1 seconde lang en gaat daarna constant 1 seconde uit.

Het apparaat geeft geen alarm meer af zodra het brandalarm is gereset.

Daarnaast kunt u het alarm dempen door te drukken op de knop Alarm dempen op het touchscreen van de CIE of in de Ajax-app.

Het apparaat wordt ingeschakeld.

Nee.

De groene, gele en rode leds gaan achtereenvolgens aan en uit.

Houd de aan/uit-knop ingedrukt totdat de groene led brandt.

Het apparaat wordt uitgeschakeld.

Nee.

De groene, gele en rode leds gaan tegelijkertijd aan en gaan dan in omgekeerde volgorde uit.

Houd de aan/uit-knop ingedrukt totdat de rode led uitgaat.

Toevoegen aan de CIE is binnenkort beschikbaar.

Nee.

De groene led brandt voortdurend.

De indicatie gaat uit nadat de melder aan de CIE is toegevoegd.

Het apparaat is van de CIE verwijderd.

Nee.

De groene led knippert 6 keer achter elkaar.

De indicatie gaat aan wanneer de melder informatie ontvangt dat deze van de hub is verwijderd.

De batterijen zijn volledig leeg.

Nee.

De gele led knippert voortdurend.

Batterij moet vervangen worden.

Het apparaat uitschakelen wanneer de batterij volledig leeg is.

Nee.

De groene, gele en rode leds gaan tegelijkertijd aan en gaan dan in omgekeerde volgorde uit.

Batterij moet vervangen worden.

Sabotagealarm.

Het apparaat is verwijderd uit het SmartBracket-montagepaneel.

Nee.

De gele led brandt voor 1 seconde.

Het apparaat is geïnstalleerd op het SmartBracket-montagepaneel.

Nee.

De groene led licht voor 1 seconde op.

De signaalsterkte onderzoeken

Nee.

De indicatie is afhankelijk van de signaalsterkte:

  • Sterk — de groene led brandt continu;
  • Gemiddeld — de gele led brandt continu;
  • Zwak — de rode led brandt continu;
  • Geen signaal — de rode led knippert snel.

Geluidspatronen

Toon

Type toon

Beschrijving toon

1

Type toon

970 Hz

2

Type toon

800 Hz / 970 Hz @ 2 Hz

3

Type toon

800 - 970 Hz @ 1 Hz

4

Type toon

970 Hz, 1 s UIT / 1 s AAN

5

Type toon

970 Hz, 0,5 s / 630 Hz, 0,5 s

6

Type toon

554 Hz, 0,1 s / 440 Hz, 0,4 s (AFNOR NF S 32 001)

7

Type toon

500 - 1200 Hz, 3,5 s / 0,5 s UIT (NEN 2575:2000 Nederlandse Slow Whoop)

8

Type toon

420 Hz, 0,6 s AAN / 0,6 s UIT (Australië AS1670 Alarmtoon)

9

Type toon

1000 - 2500 Hz, 0,5 s / 0,5 s UIT × 3 / 1,5 s UIT (AS1670 Evacuatie)

10

Type toon

550 Hz / 440 Hz @ 0,5 Hz

11

Type toon

970 Hz, 0,5 s AAN / 0,5 s UIT × 3 / 1,5 s UIT (ISO 8201)

12

Type toon

2850 Hz, 0,5 s AAN / 0,5 s UIT × 3 / 1,5 s UIT (ISO 8201)

13

Type toon

1200 - 500 Hz @ 1 Hz (DIN 33 404)

14

Type toon

400 Hz

15

Type toon

550 Hz, 0,7 s / 1000 Hz, 0,33 s

16

Type toon

1500 - 2700 Hz @ 3 Hz

17

Type toon

750 Hz

18

Type toon

2400 Hz

19

Type toon

660 Hz

20

Type toon

660 Hz, 1,8 s AAN / 1,8 s UIT

21

Type toon

660 Hz, 0,15 s AAN / 0,15 s UIT

22

Type toon

510 Hz, 0,25 s / 610 Hz, 0,25 s

23

Type toon

800 Hz / 1000 Hz, 0,5 s elk (1 Hz)

24

Type toon

250 - 1200 Hz @ 12 Hz

25

Type toon

500 - 1200 Hz @ 0,33 Hz

26

Type toon

2400 - 2900 Hz @ 9 Hz

27

Type toon

2400 - 2900 Hz @ 3 Hz

28

Type toon

500 - 1200 Hz, 0,5 s / 0,5 s UIT × 3 / 1,5 s UIT (AS1670 Evacuatie)

29

Type toon

800 - 970 Hz @ 9 Hz

30

Type toon

800 - 970 Hz @ 3 Hz

31

Type toon

800 Hz, 0,25 s AAN / 1 s UIT

32

Type toon

500 - 1200 Hz, 3,75 s / 0,25 s UIT (AS2220)

Fouten

Fouten

Wanneer een fout van EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller wordt gedetecteerd, toont een Ajax app een foutenteller op het pictogram van het apparaat. Alle fouten worden aangegeven in de statussen van het apparaat. Velden met storingen worden geel gemarkeerd. Fouten worden ook weergegeven op het tabblad Beheer op het scherm van de CIE. Meer details over de fout zijn te vinden in de tabbladen Gebeurtenissen of Brandzones van de CIE.

EN54 FireProtect (Heat/Sounder) Jeweller geeft een fout weer als:

  • Het apparaat verwijderd is van het SmartBracket-montagepaneel of de integriteit ervan aangetast is (een sabotagebeveiliging is geactiveerd).
  • Er geen verbinding met de CIE of signaalversterker is via Jeweller.
  • De batterij van het apparaat bijna leeg is.
  • Het apparaat heeft een hardwarefout (fout van een of meer componenten van het apparaat).

Een beheerder of een gebruiker met toegangsniveau 2 kan de meldingen over Jeweller-verbindingsverlies uitschakelen. Met de functie Meldingen deactiveren kan men de foutindicatie en meldingen voor verlies van Jeweller-verbinding uitschakelen voor EN54-apparaten die worden gebruikt in mobiele omgevingen, zoals brandweerwagens.

Meldingen over verbroken verbindingen met Jeweller voor EN54-apparaten uitschakelen

Onderhoud

Controleer regelmatig of het apparaat werkt. Verwijder stof, spinnenwebben en ander vuil van de behuizing van het apparaat. Gebruik een zachte, droge doek die geschikt is voor het onderhoud van de apparatuur. Gebruik geen middelen die alcohol, aceton, benzine of andere actieve oplosmiddelen bevatten om het apparaat te reinigen.

De voorgeïnstalleerde batterijen bieden tot 5 jaar zelfstandige werking met de standaard Jeweller-instellingen (polling-interval van 36 seconden). Het systeem stuurt een melding als de batterijen bijna leeg zijn.

We raden aan om de batterijen direct te vervangen nadat u de melding heeft ontvangen. Het is raadzaam om Huiderui CR123A, 3 V, 1.600 mAh, LiMnO2-batterijen te gebruiken.

Hoe lang gaan de batterijen van Ajax-apparaten mee en wat heeft hier invloed op?

Technische specificaties

Alle technische specificaties

Conform de normen

Garantie

De garantie op de producten van de Limited Liability Company, "Ajax Systems Manufacturing", is 2 jaar geldig na aankoop.

Als het apparaat niet goed werkt, raden we aan om eerst contact op te nemen met de technische ondersteuning van Ajax. In de meeste gevallen kunnen technische problemen op afstand worden opgelost.

Garantieverplichtingen

Gebruikersovereenkomst

Contact opnemen met de technische ondersteuning:

Gefabriceerd door “AS Manufacturing” LLC

Hulp nodig?

Ontdek het volledige potentieel van een Ajax-systeem via onze gedetailleerde handleidingen, artikelen, tools en veelgestelde vragen. Als u onmiddellijk hulp nodig heeft, dan staan onze AI-chatbot en ons technisch supportteam 24/7 voor u klaar.

Ajax Systems